avondweken

week met avonddienst is weer af. met milde koppijn in de nachttrein naar huis, ringelend op de fiets door de dronken studenten op de Nobelstraat, koelkast plunderen, glas wijn naar binnen gieten en dan tot rust komen achter nog een blauw scherm.

het is beter als j. er wel is. dan is er thee en licht en kan ik tegen iemand aankwebbelen over de meest onnozele nieuwtjes en dat die leuke kop écht niet paste en dat het verhaal op de europapagina zo laat kwam en dat die dit zei en die dat en dat ik zóóó moe ben. en dan krijg ik een aai over mijn hoofd, of een babbel terug.

die avonddiensten zijn raar. ik leer er van alles: nieuws selecteren, rangschikken, opschrijven, presenteren. de krant aanvegen, oog krijgen voor mooie en lelijke pagina’s, mooie en lelijke verhalen, artikelen oplappen, hiaten opsporen, secuur zijn, feiten checken.

maar ik mis het schrijven en ik ben ook niks meer waard als ik om half 1 thuis kom. ik heb geen tijd meer voor avonturen, geen tijd voor csi kijken op de bank, geen energie voor diepe gesprekken, geen puf voor bidden en vrijen, geen tijd voor vrienden en boeken. ik probeer dat alles wel naar de ochtend te verschuiven, maar dat lukt maar matig. dan ben ik groggy en stom en wil ik alleen maar dat de dag niet begint.

het wordt ooit vast weer anders. moedig voorwaarts, zegt de chef dan.